30+ (Abw)-Certificaat

Inhoudelijke criteria en eisen die toebehoren aan de PSO 30+

Artikel 2.82 van de Aanbestedingswet

Conform Artikel 2.82 van de Aanbestedingswet is het voor Aanbeste­dende dien­sten zoals gemeenten, mogelijk om aanbestedingsprocedures voor te behouden aan zogenaamde 'sociale' bedrijven. Een PSO 30+ (Abw-) erkenning maakt voor deze opdrachtgevers zichtbaar welke organisaties aantoonbaar aan het kwantitatieve aspect van deze wetgeving voldoen: Be­langrijke voorwaarde daarbij is dat ten minste 30% van de werknemers van deze sociale werk­plaatsen, ondernemingen of programma’s gehandicapte of kansarme werknemers is.  Hier leest u alles over dit wetsartikel en de achtergronden van de PSO 30+.

Let wel: Artikel 2.82a staat volledig los van de mogelijkheden tot het plaatsen van voorbehouden opdrachten als bedoeld in artikel 2.82. De toepassing van artikel 2.82a is beperkt tot enkele soorten specifieke opdrachten voor diensten, met name op het gebied van gezondheidszorg en onderwijs. Bovendien gelden er voor de organisaties waar de betreffende opdrachten aan voorbehouden kunnen worden bijzondere voorwaarden met betrekking tot de participatie van werknemers of belanghebbenden, en met betrekking tot de bestemming van winsten.

Op deze pagina leest u alles over de inhoudelijke criteria en eisen die toebehoren aan de PSO 30+.

Vertaling van de kwantitatieve aspecten uit artikel 2.82 Aanbestedingswet richting de PSO 30+

De wetgever heeft ten aanzien van de doelgroepen die meetellen bij de 30%-regeling aange­geven dat het in beginsel een brede groep betreft: in ieder geval personen die vallen onder de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten, en ook mensen die een uitkering ontvangen op de grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en de Wet op de arbeidson­geschiktheidsverzekering. Personen in de WWB/Participatiewet en WW vallen zonder nadere indicatie niet onder de Wet banenafspraak en dus ook niet ‘automatisch’ onder de 30+ doel­groep. De wetgever spreekt zich niet uit over de vraag of ze wel tot de ‘brede groep arbeids­gehandicapte en kansarme werknemers’ kunnen behoren en laat nadere invulling over aan de praktijk al dan niet aangevuld door rechterlijke uitspraken. De in 2018 gepubliceerde ‘Hand­reiking social return’ van de VNG (maart 2018), en dan met name het ‘overzicht waarde bouw­blokkentabel’ bevestigt de, vanaf versie 1.5, gemaakte keuze om ook personen afkomstig uit de bijstand en uit de WW mee te nemen bij het bepalen of een bedrijf voldoet aan het 30+ criterium.

Criteria PSO 30+ (Abw-)erkenning

  • De PSO 30+ erkenning kan alleen uitgelezen worden als een PSO-aanvrager een PSO score heeft die de aanvrager in aanmerking brengt voor PSO-trede 3.
  • Doelgroep is conform reguliere PSO-erkenning met uitzondering van bbl’ers/bol’ers ni­veau 1 en 2 of vso/pro-leerlingen met leerwerkovereenkomst/stage.
  • Type contract: tot 1 april 2019 telden alleen de kwetsbare personen in loondienst bij de Aanvragende organisatie mee als doelgroep. Detacheringen, stage- en werkervarings­plaatsen, re-integratietrajecten en proefplaatsingen telden niet mee uitgaande van een strikte interpretatie van de wetgeving. Op 26 september 2018 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de brief ‘Beantwoording vragen over artikel 2.82 van de Aanbestedingswet’ gepubliceerd waarin wordt aangegeven dat personen die ge­detacheerd zijn ook kunnen meetellen. Dat dienen dan wel duurzame overeenkomsten te zijn en ook geen zogeheten ‘nul-uren’ contracten. Dit betekent bijvoorbeeld dat perso­nen met een SW-indicatie die op detacheringsbasis werkzaam zijn bij de PSO-aanvrager vanaf 1 april 2019 wel meetellen voor de berekening van de 30+ (Abw) score. Ze tellen vanaf 1 april 2019 ook mee voor de bepaling van het totaal aantal fte bij de bepaling van de 30+ (Abw-) score. Om mee te mogen tellen dient de gewerkte periode voor de peilda­tum minstens 6 maanden te zijn om aangemerkt te mogen worden als ‘duurzaam’ en minstens 2 uur per week. De rekentool controleert hier ‘automatisch’ op en neemt alleen die flex-overeenkomsten mee die aan deze aanvullende eisen voldoen. In de brief geeft de staatsecretaris als aanvullende eis dat “de werkgelegenheid die het bedrijf biedt struc­tureel moet zijn: er kan niet slechts sprake zijn van tijdelijke dienstverbanden ……” Om deze aanvullende eis te borgen is in de rekentool de toets ingebouwd dat minimaal een vijfde deel van de (ondergrens van minimaal) 30% wordt ingevuld door personen met een regulier dienstverband.
  • Urennorm voor één fte: berekent het aandeel kwetsbare groepen volgens de PSO-syste­matiek. Daarbij geldt de bijbehorende cao-norm van een organisatie.
  • Wegingen: voor de 30+ (Abw-)erkenning is de weging voor alle uitgangsposities en type contracten ‘1’. Er wordt niet, zoals bij het bepalen van de directe bijdrage van de PSO, gerekend met verschillende weegfactoren. Het gewicht is ‘1’ of ‘0’ als het type contract of de uitgangspositie niet mee telt voor het bepalen of een aanvrager voldoet aan de 30+( Abw-)erkenning.

Kwalitatief aspect 2.82 Aanbestedingswet

Een organisatie moet niet alleen aantonen dat het aan de kwantitatieve eisen van artikel 2.82 voldoet. De organisatie moet (aantoonbaar) de maatschappelijke en professionele integratie van arbeidsgehandicapten of kansarmen tot (hoofd)doel hebben. Dat kan bijvoorbeeld uit de statuten van de onderneming blijken. Hoe de precieze formulering van de statuten luidt, zal uiteraard per onderneming verschillen. Van belang is in ieder geval dat maatschappelijke en professionele integratie van gehandicapten of kansarmen het hoofddoel van de onderneming is, en niet 'slechts' één van de doelen. Deze kwalitatieve eis zoals omschreven in artikel 2.82 maakt geen onderdeel uit van de kwalitatieve eisen van de PSO.

 

PSO 30+ (Abw) vrijblijvend uitlezen of het PSO 30+ certificaat aanvragen

Door uw gegevens in te voeren in MijnPSO ziet u (vrijblijvend) in stap 4 van MijnPSO of uw organisatie voldoet aan de gestelde PSO 30+ criteria en eisen. Het aanvragen van een PSO 30+ certificering wordt mogelijk gemaakt in stap 6 van MijnPSO.

PSO-Nederland verstrekt de PSO 30+ (Abw)-erkenning in de vorm van een certificaat. Het percentage waarop de erkenning gebaseerd wordt, is het percentage dat be­rekend wordt na de toetsing door de auditor. Eventuele correcties worden conform paragraaf 2.7 van de PSO-handleiding berekend.

 

 

Handreiking Stappenplan toepassing artikel 2.82 Aw met PSO 30+ voor publieke diensten en gemeenten.

Medio april 2019 publiceert PSO-Nederland het stappenplan "opdrachten voorbehouden met artikel 2.82 Aw". Dit stappenplan biedt inkopers een handreiking om voorbehouden opdrachten toe te passen. Mocht dit stappenplan nog niet beschikbaar zijn dan is het mogelijk om een conceptversie op te vragen via info@pso-nederland.nl  

 

 


Direct naar: